Door Johan Verlouw

Prins Cornelis Meijs van den Haaykaant sluit tijdperk raad van Kloempestoempers af.

Meedoen in de optocht van Sprang-Capelle, hoe leg je dat een Haaykaanter uit? Toch werd daar de liefde voor het carnavalsfeest geboren voor Erwin Meijs. “Het is teveel eer om te zeggen dat daar de optocht is ontstaan door een paar fanatieke ouders, maar daar zit wel de kern.”

Ultieme ervaring

Volgens prins Cornelis Meijs (34) heeft het vormen van de raad, zijn cluppie de Kloempestoempers hechter gemaakt dan ooit. “Het is fantastisch om de raad te mogen vormen met carnaval, die verantwoording maakt de beleving nog intenser. Er zijn ook veel meer dingen, waar je jezelf druk over moet maken. Dat ik dit jaar een hoofdrol mag vervullen maakt me ontzettend dankbaar, een ultieme ervaring. Als ik op dinsdag de steek af mag doen, sluiten we een heel speciale periode af waar we altijd fijn op terug kunnen kijken. Ik ben dan ook meteen benieuwd welke C.V het over gaat nemen en op welke manier zij dat doen. Wij dragen de inboedel dan over.”

Als puber ging Erwin werken bij het landbouwbedrijf van zijn oom en tante aan de Werfkampseweg. In korte tijd maakte hij een hoop vrienden in Raamsdonk en zo rolde hij in het leutfeest van d’n Haaykaant. “Ik ben wat later bij de Kloempestoempers aangesloten, ben ook de jongste van de club. ” De ondernemer in de kassenbouw maakt lange dagen, waardoor carnaval zijn schaarse tijd beheerst. Wat zijn eigen carnavalsclub na dit jaar gaat doen, is voor hem nog een grote verassing; “Wat dat betreft is de toekomst voor ons met carnaval helemaal open, ik geloof niet dat we nog eens een grote wagen gaan bouwen, maar er zijn nog zoveel leuke ideeën te verzinnen.”

Dat is meteen de grote kracht van d’n Haaykaant volgens de nieuwe prins. “Er wordt altijd gedacht in mogelijkheden en oplossingen, dat is zo bijzonder. Kijk maar eens wat er van de grond kwam tijdens de coronaperiode.” Omdat de wetgeving tijdens de carnaval steeds een beetje strenger wordt, is prins Cornelis Meijs ook niet helemaal overtuigd dat het carnaval elk jaar groots gevierd kan worden in d’n Haaykaant. Zo zijn het aantal plekken om te bouwen schaars aan het worden en ook de horeca staat een beetje onder druk. “Toch zie ik zoveel jeugd dat het feest oppikt, dat is echt gaaf en binnen het dorp is er voor iedere uitdaging altijd een creatieve oplossing. Nee hoor, ik zie de mensen echt nog niet met vakantie gaan tijdens de carnaval in d’n Haaykaant, haha."

Fien d’n Irste in voetsporen van oma

Fien Verschuren (11) / Fien d’n Irste is dit jaar de jeugdprinses van D’n Haaykaant. Oma Lida is natuurlijk een heel bekende persoonlijkheid in d’n Haaykaant en was de eerste jeugdprinses in Raamsdonk. “De mooie verhalen van oma over de carnaval hebben mij nog meer enthousiast gemaakt om prinses te worden.” Fien viert heel haar leven al carnaval en hielp haar vader regelmatig met het bouwen bij ‘De zuipcilinders’. Fien moest het in de Boer-inn tijdens de verkiezing tegen vijf andere kandidaten opnemen. “We zijn allemaal vrienden van elkaar dus we gunden het elkaar allemaal, maar natuurlijk vind ik het gaaf om prinses te zijn, zeker als je van jongs af aan al carnaval viert.” De prinses kan niet meer wachten tot het Leutfeest begint, haar agenda staat dan ook tjokvol. Natuurlijk heeft ze dan hulp van adjudant Mees Honcoop. Ze is ook nog lid van C.V. ‘net nie’. “We mogen met onze club de pop maken voor de popverbranding; dat is ook echt leuk.” De speech voor de magische zaterdag moet ze nog maken, maak dat komt zeker goed.

Voor Fien is het klip en klaar: "Carnaval vieren doe je niet zomaar".

“Als je niet met carnaval bent opgegroeid, kun je niet ineens een avondje feestvieren met carnavalsmuziek, dat werkt niet.”

Fien d’n Irste is naast een feestvierder, vooral een doener. Ze voetbalt bij de plaatselijke voetbalclub en verheugt zich al op de fietsvakantie met opa deze zomer. Op zondag gaat ze altijd soep eten bij oma, dat slaat ze nooit over. Volgend jaar wil ze met de C.V. een kleine wagen bouwen. Raamsdonk is voorlopig nog niet van Fien d’n Irste af, ze vindt het dorp sowieso geweldig.